Als opgroeiend mens krijg je te maken met allerlei projecties en oordelen van mensen om je heen. Het hoort bij het duale leven waarin je zegt: hier ben ik en daar is de buitenwereld. Een kind moet leren ‘zichzelf te vinden’ door middel van deze projecties en oordelen van anderen. Hij/zij zal dit ook in zijn eigen innerlijk leven gaan toepassen en ervaringen opdoen. Het kind zal daadwerkelijk leren om ‘overeind’ te blijven in het leven en tegelijkertijd de beperkingen van die projecties en oordelen ondervinden bij zijn functies en taken, en zijn gevoel van welbevinden. Alles beleeft hij bewuster dan toen hij nog een pasgeboren baby was. Maar die eerste echte lach van een baby is magisch: gespeend van alle neplachjes die we als volwassenen kunnen hebben. Dit wil ik ook: zo open en vrij lachen als een baby!

Lees meer